Wat drinkt jouw paard? Over de kwaliteit van het water…

Paarden Oppas Service over kwaliteit waterEr wordt veel gesproken over paardenvoeding: wanneer geef je wat en in welke mate? Over water wordt over het algemeen niet veel meer gezegd dan dat je paard voldoende moet drinken. Om hem daarin te stimuleren zou je stukjes appel of wortel in de emmer/speciebak kunnen leggen – dan kan hij ‘koek happen’ en ondertussen water binnen krijgen! Pepermuntjes in het water kan ook helpen. Waarschijnlijk heb je meerdere drinkbakken. Dan kan je aan het water in één van de emmers wat appelsap toevoegen, en wat je ook kan doen is je paard wat zout door het eten geven, of je hangt een zoutblok op: daar krijgt hij dorst van (zie ons blog ‘Paarden en hitte: feiten en fabels’). De gemiddelde waterbehoefte van een paard ligt tussen de 20 en de 60 liter, voor een pony ligt dat rond de 25 liter.

Van nature drinkt een paard uit zichzelf voldoende water, maar als hij niet lekker is of spijsverteringsproblemen heeft, kan het zijn dat hij minder drinkt. Een andere reden kan de kwaliteit van het drinkwater zijn.
Hoe zit het met de kwaliteit van het water wat jouw paard drinkt? Krijgt jouw paard leidingwater, bronwater of drinkt hij uit de sloot?

Leidingwater
Het veiligste is leidingwater, want daar zijn kwaliteitsnormen voor en de watermaatschappij controleert continu of de kwaliteit goed is. Wat je wel in de gaten moet houden is de hardheid van het water: die varieert per regio. Bij te hoge hardheid kan je kalkafzettingen krijgen in je waterleiding, wat tot verstoppingen kan leiden. Ook kan hoge waterhardheid invloed hebben op medicijnen die je paard gebruikt (bespreek dit met je dierenarts). Meten is weten!

De hardheid van water wordt in Nederland uitgedrukt in Duitse graden hardheid (ºdH). Dit geeft de hoeveelheid kalk en magnesium in water aan.

De waterleidingbedrijven hanteren de volgende indeling voor de waterhardheid:
– 0 tot 4º dH: zeer zacht water
– 4 tot 8º dH: zacht water
– 8 tot 12º dH: gemiddeld
– 12 tot 18 ºdH: vrij hard water
– 18 tot 30 ºdH: hard water

Klik hier om te kijken hoe de waterhardheid bij jou is.
Is de waterhardheid te hoog, dan kan je een ontharder plaatsen.

Putwater
De kwaliteit van putwater is uiteraard afhankelijk van de regio en de diepte van de put. Zandgrond houdt, in tegenstelling tot kleigrond, weinig verontreiniging tegen. Klei filtert heel gestaag het vuil uit het water. Wateronderzoek Paarden Oppas ServiceSommige grondsoorten bevatten veel ijzer, kalk, arseen of cadmium. Arseen kan huidveranderingen veroorzaken en zelfs kanker. Cadmium kan schade aanrichten aan de nieren en leidt tot botontkalking. Het is dus zaak om putwater te laten testen voordat je je paard ervan laat drinken. Het mag dan goedkoper zijn om je paard putwater te laten drinken, maar als je hiervoor kiest neem je wel de verantwoordelijkheid op je om regelmatig analyses te laten doen! Ondiepe putten (15 tot 20 meter) leveren vaak een slechtere kwaliteit water op, omdat het percentage nitraat en nitriet hoger is en er vaak sprake is van bacteriologische verontreiniging. Nitraat wordt in de maag gedeeltelijk omgezet in nitriet. Nitrieten ontregelen het zuurstoftransport in het lichaam. Je paard kan hierdoor zuurstofgebrek krijgen. Het is zelfs zo dat nitrieten nitrosamines kunnen vormen, die mogelijk kankerverwekkend zijn.

Een diepere put is meestal beter, maar de kans op een hoog ijzergehalte is dan wel groter. Dit kan diarree veroorzaken bij je paard en een verminderde opname van koper. Bovendien proeft je paard de ijzersmaak, die niet aangenaam is, en hij zal daardoor waarschijnlijk minder water tot zich nemen dan hij nodig heeft. Bij diepere putten is het mangaan- en fluorgehalte meestal ook hoger (kan het skelet vervormen), evenals het gehalte aan natrium, chloride en ammonium. Zuur putwater tast metalen leidingen aan, waardoor er veel lood, koper, zink en/of nikkel in het putwater terecht kan komen.

Wist je dat slechts 2 op de 10 putwaters voldoen aan de kwaliteitseisen voor leidingwater? Putwater kan bacteriën en virussen bevatten, door aantasting van knaagdieren, insecten, stof en organisch materiaal, maar ook door rioolwater en mestsappen. Hierdoor kan je paard maag-/darmontstekingen krijgen en kan hij gaan braken en last krijgen van diarree. Dit vergroot weer de kans op uitdroging.

Slootwater
Je kunt je paard gewoon uit de sloot laten drinken, of uit een vijver, maar hier is het helemaal belangrijk om het water te laten testen, in verband met bedrijven die afvalstoffen dumpen, bestrijdingsmiddelen die boeren in de buurt gebruiken en de afvloeiingen van wegen (denk aan motorolie). Mest van de veehouderij en landbouw zorgt voor meer nitraat, nitriet en ammoniak in het water en het gebruik van bestrijdingsmiddelen kan leiden tot pesticiden in het water.

Drinkt je paard uit een beek, hou dan goed in de gaten of het water helder is en niet ruikt. Het is niet verstandig om je paard uit stilstaand water te laten drinken, omdat daar vaak parasieten en ziektekiemen in zitten. Als er veel slib op de bodem ligt of er zijn veel afgestorven planten, dan kan het water verontreinigd raken door rottingsprocessen. Er kan dan zwavel ontstaan, wat kan leiden tot zenuwafwijkingen bij je paard. E. coli en salmonella kan je paard darmproblemen geven. Ook kan er blauwalg in het water ontstaan, met name gedurende de zomermaanden. Het water heeft dan een groenblauwe of roodgele bovenlaag. Blauwalgen zijn zeer giftig en tasten de lever en nieren van je paard aan.

Nu je dit allemaal hebt gelezen, zul je er waarschijnlijk voor kiezen om je paard niet meer uit de sloot, vijver of beek te laten drinken, maar dat water is natuurlijk niet in ALLE gevallen verontreinigd. Het is een kwestie van regelmatig laten testen. Zelf kan je ook al een test doen. De Gezondheidsdienst voor Dieren ontwikkelde hiervoor in samenwerking met de Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland een doehetzelftest. Blijf alert en laat regelmatig analyses doen. Je kunt hiervoor terecht bij de Gezondheidsdienst voor Dieren. Zij sturen je de potjes toe waar je wat slootwater of putwater in doet. Die stuur je op en dan testen zij het water voor je. De uitslag bespreek je met je dierenarts.

Je paard is afhankelijk van jou voor de kwantiteit en de kwaliteit van het water dat hij drinkt. Zorg dat je hier voldoende aandacht aan besteedt!

Paard met gebruiksaanwijzing

Hester Stasse, gastblogger Paarden Oppas ServiceGastblog van Hester Stasse, Paardengedragstherapeut

Stel, je gaat eindelijk op vakantie. Je weet dat je paarden in goede handen zijn terwijl je weg bent, want je hebt de Paarden Oppas Service ingeschakeld. Naast het voer- en bewegingsschema voor je lievelingen, laat je voor de oppas ook een uitgebreide handleiding achter voor hoe ze moet omgaan met een van hen. Die gedraagt zich namelijk niet altijd zoals je zou willen. Eigenlijk schaam je je zelfs een beetje voor het feit dat hij zich altijd losrukt op weg naar de wei, je continu in je mouw hapt als je hem leidt, onmogelijk te longeren is, of keihard tegen de staldeur staat te trappen rond voertijd.

Herkenbaar? Sommige mensen denken dat hier niets aan te doen is. Dat het nou eenmaal de aard van het beestje is. En uiteraard zal een deel van het probleem inderdaad te wijten zijn aan het karakter van je paard. Maar uit ervaring weet ik dat ook eigengereide vierbeners prima te trainen zijn en zich een stuk beter kunnen leren gedragen door daar gericht mee aan de slag te gaan. Want vaak hebben ze simpelweg nooit (goed) geleerd hoe ze zich wel zouden moeten gedragen en dus doen ze maar wat.

Hoe zou je het graag willen?

Belangrijk als je aan de slag gaat om het gedrag van je paard te veranderen is om te weten waar je vandaan komt en waar je naartoe gaat. Sta dus eens stil bij wat je precies irriteert of apart vindt aan het gedrag van je vierbenige rebel. Maak een lijstje van wat voor ongein hij kan uithalen of heeft uitgehaald en wees daarbij vooral eerlijk. Hier zijn wat voorbeelden van punten die in de gebruiksaanwijzing voor je paard zouden kunnen voorkomen:

“Het is belangrijk om de merrie als eerste eten te geven, anders trapt ze de staldeur kapot.”

 “Hij moet een speculaasje krijgen voordat je hem zijn stal uithaalt, anders komt hij niet mee. En geen speculaasje van de AH of de Jumbo; alleen die van de warme bakker zijn goed genoeg.”

 “Je moet mijn merrie altijd achteruitlopend naar de wei brengen, anders rukt ze zich los.”

 “Als ik geen zweepje bij me heb om hem tegen te houden, loopt hij door me heen. Zorg er dus voor dat je er altijd een bij de hand hebt.”

 “Ik ga nooit zonder een trui of jas met lange mouwen naar mijn merrie, want ze heeft al eens bijna een hap uit mijn arm genomen. Het dragen van korte mouwen is op eigen risico.”

Ietwat extreem? Eerlijk gezegd ben ik ze allemaal een keer tegengekomen in de praktijk. Dus misschien dat het dan toch meevalt met het gedrag van jouw lieveling. Maar dat hoeft geen reden te zijn om het zo te laten natuurlijk!

Als je de minpunten van je paard hebt opgeschreven, zet je achter elk punt hoe je zou willen dat hij zich gedraagt. Let op dat je hierbij geen tien slagen om de arm houdt, want je bereikt nou eenmaal meer als je een ambitieus doel voor de helft bereikt, dan als dat bij een te gemakkelijk doel gebeurt. En wie weet blijkt na een paar trainingen dat je doel helemaal niet zo ambitieus was als je van tevoren dacht. Gewoon je ideale situatie opschrijven dus.

Wat kan je, wat weet je, wat heb je nodig?

Neem nu je lijst door en kijk bij elke gedragsuitdaging hoe je van A naar B zou kunnen komen. Heb je zelf de kennis en kunde om dat doel te bereiken, of mis je iets? Als je altijd brave paarden hebt gehad, dan is het tenslotte niet zo vreemd als je niet (goed) weet hoe je het gedrag van het zwarte schaap in je kudde het beste zou kunnen aanpakken. Goed nieuws: bij de meeste gedragsuitdagingen zal je niet de enige zijn die daarmee heeft geworsteld. Er zijn dan ook heel wat artikelen, instructiefilmpjes, handleidingen en boeken verschenen over paardenproblemen, inclusief oplossingen. En veel daarvan zijn gratis beschikbaar via het internet.

Zie je het niet zitten om aan zo’n zoektocht te beginnen, of heb je daar simpelweg de tijd niet voor, schakel dan een paardengedragstrainer of -therapeut in. Die zal je gerichte tips geven gebaseerd op wat jouw paard laat zien en je – als je dat wilt – begeleiden tijdens het hertrainen van het gedrag waar je niet blij mee bent.

Ga je zelf aan de slag, dan zijn hier 6 tips die je zullen helpen om sneller een beter resultaat te bereiken

 

Tip 1: Gebruik duidelijke (lichaams)taal

Als je paard niet snapt wat je van hem vraagt, dan is dat meestal niet uit onwil. In veel gevallen communiceren we zelf niet duidelijk genoeg, maar zijn we ons daar niet van bewust. Daarom is het goed om na te gaan hoe je je paard duidelijk wilt maken wat hij moet doen. Kijk naar welke stem-, touw-, lijn- of teugelhulpen je precies geeft om een bepaalde reactie van je paard te krijgen en denk vervolgens eens na over hoe hij echt reageert.

Is het misschien logisch dat hij iets anders doet dan jij in gedachten had omdat je hetzelfde commando ergens anders voor gebruikt? Een goed voorbeeld is wanneer je paard in galop aanspringt als je je binnenbeen op de singel en je buitenbeen erachter aanlegt, terwijl je schouder binnenwaarts in gedachten had.

Of zeg je misschien iets anders met je stem dan met je lichaam? Hierdoor kan het bijvoorbeeld gebeuren dat je je paard tijdens het longeren harder wilt laten draven, maar dat je lichaamspositie je paard juist afremt. Vooral gevoelige paarden hebben hier regelmatig last van.

Ook als je niet duidelijk laat blijken dat je paard doet wat je van hem vraagt, kan dit tot verwarring leiden. Denk maar aan de situatie waarin je je paard harder wilt laten lopen aan de hand en je daarom harder aan je leidtouw trekt. Als je paard versnelt, maar jij je touw niet (direct) laat vieren, dan wordt het wel erg moeilijk voor hem om te begrijpen dat dat versnellen jouw bedoeling was. Resultaat is vaak dat je paard steeds minder gaat versnellen en op een gegeven moment zelfs gaat terugtrekken.

Tip 2: Wees consequent

Het kan ook zo zijn dat je de ene keer dat je paard een grens overtreedt niets doet, maar de volgende keer heel boos wordt. Een paard snapt niet dat hij vandaag wel zijn neus in je zak mag steken om zelf een paardensnoepje te snaaien en morgen niet. En hoe moet hij begrijpen dat hij normaal overal naartoe mag lopen waar hij maar heen wil, maar dat je bij het oversteken van een weg of bij het trailerladen verwacht dat hij wel braaf doet wat je van hem vraagt. Zorg er dus voor dat je consequent bent in het aangeven van je grenzen. Tijdens de training, maar ook als je hem naar de wei of de stal brengt, als je hem staat te borstelen, en op alle andere momenten dat je iets met je paard doet. Voor een paard zit daar namelijk geen duidelijk verschil tussen.

Daarom is het belangrijk dat iedereen die met je paard te maken heeft dezelfde grenzen aangeeft. Want anders kunnen anderen – bijrijders, weekendverzorgers, stalhulpen, maar ook “de man van”, of die schat van een moeder die even inspringt als je zelf niet kan – er weleens voor zorgen dat het hertrainen van je paard vertraging oploopt.

Tip 3: Neem de tijd

Paarden hebben geen horloge. En als jij gespannen bent omdat je zometeen naar een afspraak moet, dan zullen ze wel jouw spanning aflezen aan je spierspanning, ademhaling en houding, maar niet begrijpen waarom je gestrest bent. Ze gaan er vanuit dat je, net als zij, spanning voelt vanwege een gevaar en zullen zich voor de zekerheid vast voorbereiden om te vluchten. Gevolg: een nerveus paard. Ga dus echt alleen trainen als je de tijd hebt.

Verder is een harde deadline niet handig, want ook die zal extra spanning opleveren. Vooral als de dag vlakbij is en je nog lang niet het gewenste resultaat hebt bereikt. Schrijf je dus bijvoorbeeld niet in voor een wedstrijd op een andere locatie als je je paard nog niet ontspannen met de trailer kunt vervoeren. Als je dat wel doet, is het risico groot dat je stappen gaat overslaan om toch voor die datum klaar te zijn. Ga je sneller dan je paard aankan en gaat het vervolgens mis, dan ben je vaak gelijk niet een maar tien stappen terug in het proces. Bespaar jezelf dus tijd door het rustig aan te doen. En merk je dat de volgende stap te groot is, ga dan niet doorduwen; slimmer is het om een stapje terug te doen en dat te herhalen totdat die situatie gesneden koek is voor je paard.

Tip 4: Houd je aandacht erbij

Je zal misschien weleens gehoord of gemerkt hebben dat paarden je gedrag kunnen spiegelen. In stresssituaties is dat het duidelijkst te merken (zie Tip 3), maar ook op andere momenten reageert je paard op jouw gedrag. Als je merkt dat je paard niet volledig gefocust is op jou, kijk dan eens hoe het met je aandacht zit. Ben je er wel helemaal bij met je hoofd, of zit je te malen over je werk- of thuissituatie? En hoe geconcentreerd ben je bezig als je vanuit het zadel of tijdens een wandeling met je paard aan de hand een telefoontje pleegt of een app’je verstuurt? Probeer dus ook met je gedachten volledig bij je paard te zijn als je met hem aan de slag gaat.

Tip 5: Begin met iets kleins

Meestal kom je verder als je klein begint dan als je in een keer je hele paard wilt veranderen. Hierdoor heb je sneller resultaat, waardoor je gemotiveerd blijft om te gaan trainen. En het gebeurt daarnaast heel vaak dat het hertrainen van het ene gedrag een positieve invloed heeft op die paar andere pijnpuntjes.

Houd er overigens rekening mee dat het veranderen van gedrag dat al langere tijd bestaat meer tijd kost. Voor al die keren dat het mis is gegaan, moet er een nieuwe ervaring in de plaats komen en dat kan behoorlijk oplopen. Verder is er bij zulke hardnekkige problemen een groter risico op terugval. Makkelijk is dit zeker niet, maar denk je eens in hoe het zou zijn als het probleem eindelijk opgelost zou zijn?

Tip 6: Blijf niet (te lang) aanmodderen

Kom je er zelf niet uit ondanks alle aanwijzingen die je gekregen hebt en bovenstaande tips, dan is het een goed idee om alsnog de hulp van een deskundige in te roepen. Doordat een paardengedragstherapeut of -trainer een enorme ervaring heeft met uiteenlopend gedrag, kan die er in veel gevallen voor zorgen dat je sneller resultaat behaalt dan als je alleen aan de slag zou gaan. En zet vooral je trots opzij door niet te lang zelf te blijven aanmodderen, want op die manier kun je je paard onbewust zelfs nieuw ongewenst gedrag aanleren.

Geen gebruiksaanwijzing, of toch?

Dus hoef je na het aanpakken van de gedragsuitdagingen geen handleiding meer te schrijven? Vanwege het onder Tip 1 en 2 beschreven belang van duidelijk en consequent zijn is dit wel degelijk een goed idee als je de zorg van je lievelingen tijdelijk aan iemand anders overlaat. Alleen zal de gebruiksaanwijzing na het oplossen van de pijnpunten van je vierbenige rebel (nu: braafste paard van stal) een stuk minder lang hoeven zijn.

Heel veel succes en plezier met trainen!

Hester Stasse, gediplomeerd Instructeur Paard en Gedrag en Paardengedragstherapeut bij Man en Paard Coaching, www.man-en-paard.com

Hoefkatrol

De Paarden Oppas Service over hoefkatrolWist je dat ieder paard hoefkatrol heeft? Maar gelukkig hebben ze niet allemaal een hoefkatrolontsteking!
De hoefkatrol is een deel van de hoef en bestaat uit het hoefbeen, kroonbeen, de diepe buigpees, de slijmbeurs, ligamentjes en het straalbeen. De hoefkatrol maakt het mogelijk om de ondervoet te kunnen buigen. Is er sprake van een hoefkatrolonsteking, dan is de slijmbeurs chronisch geïrriteerd geraakt doordat het kraakbeen rafelig is geworden ten gevolge van de slijtage. Het komt het meeste voor in de voorbenen.

Wat zijn mogelijke oorzaken?

Hoefkatrolontsteking ontstaat door een (chronische) overbelasting van het hoefkatrolapparaat. Je ziet het bijvoorbeeld vaak bij springpaarden: bij de landing na een sprong veert de ondervoet zo ver door dat de kogel bijna de grond raakt. Dit is een enorme belasting voor de ondervoet. Een andere reden kan overgewicht zijn – dit kan leiden tot een overbelasting van de hoefkatrol. Het kan ook een storing in de ontwikkeling van de groei van het paard zijn. Ook het te vroeg gaan beleren van een jong paard kan zorgen voor overbelasting. Als een paard vaak op harde grond traint, zal hij gevoeliger zijn voor hoefkatrolontsteking. Het kraakbeen zal dan immers sneller slijten. Door verkeerde hoefverzorging kan er ook een disbalans ontstaan in de belasting van de benen van het paard, wat kan resulteren in hoefkatrolontsteking. Voeding kan een geleider zijn: veel snelle koolhydraten kunnen ontstekingsbevorderend werken.

Mogelijk speelt er ook een erfelijke component in het optreden van hoefkatrolontsteking. Er is een theorie dat hoefkatrolontsteking is ontstaan door een verkeerd fokbeleid: ‘Het komt niet voor niets het meeste voor bij KWPNers. Ooit werden er drie hengsten ingezet die het vererfden bij de omvorming van het Gelderse en Groninger paard naar het hedendaagse KWPN-sportpaard. Vanuit deze combinatie ontstond hoefkatrolontsteking. l’Invasion, Koridon XX en Duc de Normandie gaven het door. Voordat deze paarden in Nederland dekten, kende men geen hoefkatrolontsteking.’

Wat zijn de symptomen?

Kreupelheid hoeft niet het eerste symptoom te zijn waaraan je merkt dat er iets mis is. Je kan merken dat je paard pijn heeft tijdens het trainen, met name bij het maken van korte wendingen of bij lange/intensieve trainingen. Je paard gaat dan krampachtig lopen en zal wat verstijven in de benen. Je paard kan ook een afwijkende stand van de benen hebben: die staan dan niet meer recht. Vaak leunt het paard wat achterover om zo de pijnlijke voorbenen te ontzien. De voorbenen worden vaak meer belast en hebben daardoor een grotere kans op hoefkatrolontsteking.

Diagnose en behandeling

Röntgenfoto’s en echo’s kunnen aangeven of het hier om een hoefkatrolonsteking gaat. De dierenarts kan dan ontstekingsremmers of kruiden geven, die tevens pijnstillend werken. Neem de tijd om je paard te revalideren!

Voor de genezing van ziekten en ontstekingen in het algemeen is een goede doorbloeding essentieel. Bij hoefkatrolontsteking is een goede doorbloeding van de hoeven belangrijk. Als een paard lang op stal staat, zal de doorbloeding van zijn hoeven minder zijn. Tijdens beweging stroomt er meer bloed door de hoeven en hierdoor zetten de hoeven uit. Hoefijzers kunnen deze natuurlijke functie tegenwerken.  Het hoefmechanisme is van groot belang voor de bloedvoorziening van het hele paardenbeen. In 5 stappen wordt er mogelijk zelfs een liter bloed door de hoeven gepompt. Regelmatig bewegen is dus stimulerend voor het herstel van je paard. Paarden die in het wild leven, slapen maar een uur per dag. Zij houden het hoefmechanisme aan het werk door veel te bewegen. De hoeven zetten uit en krimpen in tijdens het lopen. Dit zorgt voor een goede doorbloeding, wat de kans op ontstekingen reduceert. Wat wij hiervan kunnen leren is dat regelmatig bewegen nodig is voor het welzijn van het paard.

Want natuurlijk is het essentieel om naar de oorzaak te kijken en die, waar mogelijk, weg te nemen.

Voorkomen is beter dan genezen

Wat betreft voeding: zorg dat je paard niet te zwaar is en geef hem voldoende omega 3-vetzuren en gamma-linoleenzuur. Dat werkt ontstekingsremmend. Zie ons blog over de spijsvertering van paarden.
Als snack kan je af en toe Hennep Bites geven. Die zijn rijk aan vezels, omega’s 3-6-9, essentiële aminozuren, natuurlijke vitaminen A, B1,2,3 en 6, vit. C, D,E en minerale sporenelementen.

Wat betreft hoefmanagement: zorg voor goede bekapping en hoefverzorging.

Wat betreft training: beleer je paard niet te vroeg, doseer de trainingen (liever vaker en korter) en werk op zachtere grond.

In het kort: goed voedings-, hoef- en trainingsmanagement toepassen verkleint de kans op hoefkatrolontsteking en helpt bij het herstel.
Je paard is afhankelijk van jou, dus zorg dat hij niet de dupe wordt van jouw verkeerde gewoontes! Neem jouw aanpak eens goed onder de loep (haal er evt. een professioneel bij) en kijk eens of er punten ter verbetering te vinden zijn. Jouw paard zal je dankbaar zijn en jij zult langer van hem kunnen genieten!

MEDIHONEY® Wondgel

Medical Honey van MediHoney nu te koop bij de Paarden Oppas ServiceMEDIHONEY® is een verbazingwekkend effectieve wondgel, die tot voor kort alleen nog maar verkrijgbaar was voor de veterinaire markt. Maar nu kan je deze superwondgel zelf bestellen bij de Paarden Oppas Service! Daar zijn we heel enthousiast over, want het is absoluut een fantastisch product! We hebben de wondgeld zelf al getest en zagen dat het behandelde wondje echt verrassend snel heelde! Fijn om te weten dat het een natuurlijk product is wat geen bijwerkingen kent. Zelfs bij jonge dieren kan het langdurig gebruikt worden als er sprake is van grote wonden.

MEDIHONEY® heelt en reinigt grondig en vermindert littekenvorming. De wondgel is gemaakt van Manuka honing uit Nieuw-Zeeland. Deze honing staat bekend om zijn unieke anti-bacteriële eigenschappen en bevat geen pesticiden. Het is zelfs bewezen dat Manuka honing werkzaam is tegen resistente bacteriën zoals MRSA. Uit verschillende klinische studies is gebleken dat MEDIHONEY® een beduidend snellere wondgenezing geeft dan andere wondzalven of -gels.

De Paarden Oppas Service verkoopt zowel de Medical Honey – 100% antibacteriële honing (voor diepe wonden) als de Antibacteriële Wondgel (voor kleine wondjes).De Paarden Oppas Service verkoopt MediHoney Wondgel

De Medical Honey is samengesteld uit 100% gereinigde en gesteriliseerde Manuka honing. MEDIHONEY® antibacteriële honing is vrij dun en vloeibaar en daardoor uitermate geschikt voor diepere wonden, of voor het bereiken van diepe groeven zoals bij rotstraal. Ook is het een goede ondersteuning voor snelle heling van mok, bijtwonden, snijwonden, schaafwonden, operatiewonden, etc. Je kunt het makkelijk uitsmeren en bij verbandwisselingen kan je het ook makkelijk weer afspoelen.

MEDIHONEY® Antibacteriële Wondgel is samengesteld uit 80% honing en 20% bijenwas. De  wondgel is iets dikker van samenstelling en daardoor geschikt voor meer oppervlakkig gebruik. Deze wondgel wordt gebruikt om wondinfecties te behandelen en te voorkomen.

Uitproberen? Ga snel naar de Shop van de Paarden Oppas Service!

Horzeleitjes

Het is augustus, dus we kunnen weer ongenode gasten verwachten in de vorm van horzeleitjes!!

De Paarden Oppas Service over horzeleitjesDe horzel is een vliegende parasiet, die zich graag nestelt in jouw paard. Het vrouwtje heeft de ambitie om minstens 500 eitjes op jouw paard te plakken. Ja, je leest het goed: 500! Ze heeft er nog meer: horzelvrouwtjes dragen 700 tot 1000 eitjes bij zich, maar ze vinden vaak meer dan 1 gastheer, omdat ze meestal verjaagd worden tijdens hun plakwerk. Zij plaatst haar eitjes het liefst op de benen of flanken van jouw viervoeter, maar ook op zijn nek, in zijn manen en rond zijn mond. Iedere 10 seconden kan ze een eitje aan een paardenhaar plakken. Je kunt ze makkelijk herkennen: dan zie je gele stipjes op je paard en die zijn er niet zomaar af te borstelen!

Verspreiding en gevolgen
De oplettende lezer vraagt zich nu af hoe deze horzels IN je paard terecht komen. Dat gaat als volgt: je paard wrijft zijn neus langs zijn benen, waar de eitjes zitten. Of hij krabt een ander paard met zijn tanden in zijn nek. De eitjes komen zo in zijn mond terecht en zij ontwikkelen zich in zijn mond tot larven. Vanuit de mond verplaatsen zij zich na ongeveer een maand naar de maag en daar settelen zij zich. De larven in de mond kunnen zorgen voor ontstekingen aan de mond en tong van je paard. Als de larven zich settelen in de maag kunnen ze maagzweren veroorzaken, wat weer kan leiden tot buikvliesontsteking. Dit kan je paard fataal worden! Symptomen waar je op moet letten zijn gapen, gewichtsverlies, koliek, diarree en andere spijsverteringsproblemen. In de darmwand overwinteren de larven en in het voorjaar worden ze uitgeniest of uitgepoept (ze kunnen zich zelfs door de huid naar buiten eten!), om zich vervolgens te ontwikkelen tot volwassen horzels, die nog meer eitjes kunnen gaan leggen! De horzels zelf eten niet, maar de larven voeden zich dus in de maag van jouw paard.

Voorkomen is beter dan…
Het is belangrijk om regelmatig goed te ontwormen, zodat de al aanwezige larven gedood worden. Stel samen met je dierenarts een goed ontwormingsplan op, op basis van mestonderzoek. Voorkomen is beter dan genezen, dus zorg dat je je paard nu inwrijft of sprayt met een anti-insectenmiddel, om die horzelvrouwtjes duidelijk te maken dat je jouw paard niet aanbiedt als gastheer! Zie je toch eitjes op je paard, verwijder deze dan met een horzelmesje of een schuurblokje. Pas op dat je hierbij zelf geen eitje in je mond krijgt (of op je handen en vervolgens in je mond of neus als je even je gezicht aanraakt of een haar uit je mond haalt, bijvoorbeeld), want je wilt zelf ook niet de gastheer worden van deze parasiet! Heb je moeite om de eitjes van je paard te verwijderen? Was dan je paard met een azijnoplossing: dan laten de eitjes makkelijker los. En natuurlijk blijft het belangrijk om de mest van je land te verwijderen, zodat de parasieten jouw weiland niet zien als de ideale kraamkamer!

Hilarisch! De bruidegom in de paardenwereld

Haha, wat een grap - www.PaardenOppasService.nlAl surfend op het internet kwam ik een site tegen die vanuit verschillende stoeterijen, dressuur- en handelsstallen in Nederland BRUIDEGOMMEN aanbiedt. Er is zelfs een shortlist van de 10 beste bruidegommen in mijn omgeving. Ik mag invullen wanneer en waar ik een bruidegom nodig heb! ‘Onze bruidegommen staan klaar om u te helpen’. Ze kunnen ‘professionals bruidegommen’ aanbieden, dus dat is heel fijn. Het is dat ik al getrouwd ben!

Ik heb een mailtje gestuurd naar de klantenservice, waarin ik uitlegde dat er een fout gemaakt was in de vertaling, aangezien het Engelse woord ‘groom’ in het Nederlands twee betekenissen heeft: bruidegom én paardenverzorger. Ik kreeg onmiddellijk een automatisch antwoord in het Engels met de mededeling dat er zo snel mogelijk contact met me zal worden opgenomen. Ik zet mijn bruidsschoentjes vast klaar!

Nu vraag ik me wel af hoe deze tweeledige betekenis van het woord ‘groom’ ontstaan is.
Wellicht is het ooit begonnen met een rijke amazone die verliefd werd op haar stalknecht en hem voorstelde aan haar onnozele vriendin, met de mededeling: ‘This is my groom – we are going to get married!’ De onnozele, maar bloedmooie vriendin van Arabella, die niets van paarden afwist en dus niet bekend was met het woord ‘groom’, concludeerde dat dit een ander woord moest zijn voor bruidegom, maar durfde dit niet te vragen, omdat ze haar onwetendheid niet kenbaar wilde maken.
Arabella was de vrouw van een Engelse hertog en zij stond erop dat haar trouwfeest gehouden zou worden in de prachtige tuin van hun geweldige landhuis. Alle edelen uit het land werden uitgenodigd en het bruidspaar werd door haar vriendin aan iedereen voorgesteld als: ‘My dear friend and her groom’.
Vanaf dat moment werd het binnen welgestelde kringen een trend om de bruidegom ‘groom’ te noemen.
Ik  vraag me af hoeveel mensen de term uit onwetendheid abusievelijk gebruikten en hoevelen van hen dit bewust deden, als grap. Maar daar zal ik nooit achter komen!
Best aannemelijk dat de dubbele betekenis van het woord ‘groom’ zo ontstaan is, toch?

Even terugkomend op de site waar de bruidegommen worden aangeboden. Het gaat om een verzamelsite van een Franse startup, die, volgens eigen zeggen, ‘is vooruitgeschoten in de wereldwijde race om de opkomende industrie te domineren en zich heeft ontpopt als één van de meest waardevolle aanbieders van diensten over de hele wereld.’

Bij het plaatsen van mijn aanvraag mag ik het volgende formulier invullen:

Vertel ons meer over uw noden

Wat heeft uw paard nodig?

  • Betimmering
  • Training
  • Algemene verzorging (trimmen, beslaan, enz.)
  • Andere

Welk ras?

  • Kwartier
  • Vlek / Bevlekt
  • Volbloed
  • Arabisch
  • Appaloosa
  • Morgan
  • Andere

Vervolgens heb ik één van de stoeterijen gebeld, die volgens deze site professionele bruidegommen aanbiedt en ik heb gezegd dat ik met spoed een bruidegom nodig heb. Toen de goede man de eerste consternatie te boven was gekomen en ik hem had uitgelegd hoe ik aan zijn contactgegevens was gekomen, hebben we er hartelijk om gelachen. Ik heb hem verteld dat ik eigenaar ben van de Paarden Oppas Service en uitgelegd dat wij een bemiddelingsbureau zijn wat mensen met paarden aan huis de kans geeft om met een gerust hart op vakantie te gaan, in de wetenschap dat hun paarden en andere dieren goed en liefdevol verzorgd worden door één van onze 100 Hippische Verzorgers. Of had ik ‘bruidegommen’ moeten zeggen?
Het aanvragen van een paardenverzorger gaat er bij de Paarden Oppas Service gelukkig héél wat professioneler aan toe!

De eigenaar van de stoeterij was blij met mijn tip wat betreft de vermelding van zijn bedrijf onder de aanbieders van bruidegommen: hij gaat contact opnemen met het bedrijf om zijn naam van deze site te laten schrappen, aangezien hij noch bruidegommen, noch paardenverzorgers aanbiedt. Wij hebben afgesproken dat ik binnenkort bij hem langs ga om samen een kop koffie te drinken en verder kennis te maken met hem en zijn mooie bedrijf!

Wat een incorrecte vertaling op het internet allemaal teweeg kan brengen!

Straks maar eens de dressuurstal bellen die ook op het lijstje staat. Kan ik ze vragen wanneer ze mijn Kwartier kunnen betimmeren!

Natural horsemanship: wat betekent dat?

Natural Horsemanship www.PaardenOppasService.nl

 

Tijdens de intakegesprekken die de Paarden Oppas Service de afgelopen weken voerde met aspirant verzorgers, waren er één of twee kandidaten die niet wisten wat Natural Horsemanship was. Tenminste: ze dachten het niet te weten, maar uit hun verhalen hadden wij al geconcludeerd dat ze juist vanuit de gedachte van Natural Horsemanship met paarden omgaan! Het idee is dat je tijdens het trainen gebruik maakt van het instinct en het denken van het paard. Het is belangrijk dat je paarden kan ‘lezen’ en die informatie inzet om vanuit samenwerking je doelen te bereiken, en niet vanuit dominantie. Kies voor belonen in plaats van straffen en toon respect voor de ruimte van het paard, terwijl je je paard leert jouw ruimte te respecteren. De methode is ontwikkelt na jarenlange observatie van het gedrag van wilde paarden.

Begin vorige eeuw ontstond er in Amerika een andere manier om met paarden om te gaan. Deze manier van denken werd geïntroduceerd door Tom en Bill Dorrance. De broers promootten een paardvriendelijke manier van trainen die destijds in Amerika ongekend was: paarden werden daar door de cowboys op gewelddadige wijze getemd, omdat men geen tijd wilde verliezen. Tom en Bill Dorrance daarentegen benaderden het paard op een respectvolle manier en gaven het paard de ruimte om zelf na te denken en mee te denken. Onder andere de paardentrainers Monty Roberts en Pat & Linda Parelli hebben zich laten inspireren door die ideeën en zij hebben deze manier van omgaan met paarden bekendheid gegeven in de wereld.

Zelf zegt Monty Roberts dat er niet zoiets als ‘Natural Horsemanship’ bestaat: “Het is onmogelijk om iets wat wij doen met paarden natuurlijk te noemen. Paarden horen thuis in kuddes op grote vlaktes. Ik vind het geweldig dat paarden ons de gelegenheid geven om met hen samen te werken, iets wat eigenlijk tegen hun natuur ingaat. Dan zijn wij het aan hen verplicht om goed ‘paardmanschap’ te beoefenen, en daar streef ik dan ook naar.” Monty Roberts observeerde hoe wilde mustangs met elkaar omgingen en concludeerde dat zij duidelijke, effectieve lichaamstaal gebruikten om met elkaar te communiceren, grenzen te stellen, angst te tonen en om irritatie, ontspanning en genegenheid te uiten. Hij besloot deze stille taal in te zetten tijdens zijn trainingen, om deze effectiever en paardvriendelijker te maken en zo de samenwerking tussen mens en paard te stimuleren.

Kelly Marks is de populairste paardenfluisteraar van Engeland. Zij verklaart: “Voor mij gaat het erom dat ik de interactie met paarden bekijk vanuit de denkwereld van het paard en afga op mijn gevoel in plaats van gebruik te maken van brute kracht en angst. Ik heb het beste voor met het paard en doe wat ik kan om de relatie tussen mij en het paard te versterken.”

Hoewel Natural Horsemanship een vlucht nam in de jaren tachtig van de vorige eeuw, zijn de technieken die hierbij gebruikt worden niet nieuw. Goede marketing en de nieuwe communicatiemiddelen die we tegenwoordig hebben, zorgden voor de snelle verspreiding van deze methode. Ook was het onvermijdelijk dat er een reactie moest komen op de keiharde, paardonvriendelijke manier van trainen die de cowboys toepasten in Amerika. Als we verder terugkijken in de geschiedenis, zien we echter dat Xenophon, een Griekse filosoof en leerling van Socrates, al 400 jaar voor Christus het boekje ‘Over de rijkunst’ schreef, waarin hij uitlegt dat je eerst het karakter en temperament van je paard moet begrijpen voordat je hem goed kan trainen. Ook verklaart hij dat dwang (door dominantie en afstraffing) niet de manier is om met een paard om te gaan: hij zag het paard als partner en niet als slaaf. Hij promootte beloning in plaats van afstraffing. Xenophon maakte paarden lenig en flexibel, zowel fysiek als mentaal. ’’Verlies in de omgang met paarden nooit uw zelfbeheersing. Wat onder dwang bereikt wordt, wordt zonder verstand bereikt en is net zo lelijk als het met de zweep slaan en met de sporen porren. Degene die het verstaan met paarden om te gaan, zien er prachtig uit’’.

In de zestiende eeuw (her)introduceerden de Franse ruiters De Pluvinel en De La Guérinière in Europa een paardvriendelijke manier van trainen. Ook vanuit Spanje en Hongarije kwamen nieuwe methodes om op respectvolle wijze met paarden om te gaan. De gedachte dat Natural Horsemanship is ontstaan in Amerika, als reactie op de brute wijze waarop cowboys wilde paarden temden, is dus onjuist.

Zoveel mensen, zoveel meningen: er zal altijd kritiek zijn op hoe mensen zoals Monty Roberts en de Parelli’s paarden trainen. Bestudeer de verschillende methodes en kijk wat je ervan kan leren. Kijk ook eens naar de methode van Klaus Hempfling en Noora Ehnqvist. In juni is er een 3 daagse clinic op een geweldige locatie (zie Facebook: Noora Ehnqvist 3-day clinic in le Midi!). 
Implementeer een aantal methodes en kijk waar jouw paard het beste op reageert. Omdat paarden, net zo goed als mensen, verschillen in karakter en omdat ze ook gevormd zijn door hun ervaringen, zal de ene methode of tip wel bij jouw paard werken en de andere niet. Neem de tijd om je paard te observeren om hem zo beter te leren kennen en stem de manier waarop jij je paard benadert en traint daarop af. Je zult zien dat jullie allebei meer in balans zullen komen. Ieder voor zich én in jullie samenwerking! En wie wil dat niet?

Bevriest het drinkwater van je paard?

Om warm te blijven, eten paarden meer in de winter. Als ze meer eten, gaan ze ook meer drinken. Dan moet water natuurlijk wel beschikbaar zijn! Je moet er niet aan denken dat je paard uitdroogt, terwijl jij dat had kunnen voorkomen! In de stal kan je zowel de aanvoerleiding als de drinkbak aansluiten op een verwarmingssysteem, maar wat doe je met de waterbakken op de wei?

Wat als het water in de drinkbak van je paard telkens bevriest? Als je paard geen toegang heeft tot water, kan dit leiden tot koliek en we weten allemaal dat dit in het ergste geval dodelijk is. Wat kan jij doen om te zorgen dat je paard op het land toch kan drinken, ook al vriest het?

Als je weet hoeveel je paard ongeveer drinkt op een dag, biedt dan tenminste deze hoeveelheid aan in de waterbak op de wei, maar ook niet veel meer: dan kunnen de paarden het water drinken voor het bevriest! Gebruik je een bad of een andere waterbak van groot formaat, dan kan je een deel afdekken.
Er zijn allerlei anti-vriessystemen (denk aan buisventielbakken, verwarmingskabels, -spiraaltjes en – linten, of een echte Thermobar) te koop. Er zijn ook veedrinkbakken op zonne-energie.
Of je kiest voor de geïsoleerde drinkbakken. Deze kosten echter al snel 500 tot 800 euro. Maar er zijn ook goedkopere hulpmiddelen die kunnen helpen.

10 tips om te voorkomen dat het drinkwater van je paard bevriest:

  1. Leg er een rubber balletje in (de wind en/of je paard houdt het in beweging)De Paarden Oppas Service adviseert: hoe je kan voorkomen dat het drinkwater van je paard bevriest
  2. Gebruik een aquariumpomp om het water in beweging te houden
  3. Doe een theelepeltje (Himalaya)zout en wat suiker in de drinkbak
  4. Een kabelwarmer erin (als je geen elektriciteit in de buurt heb, misschien op zonne-energie?)
  5. Druivensuiker in het water
  6. Stenen in de bak
  7. Zonnebloemolie door het water
  8. Kuil of hooi in het water
  9. Isoleer de waterbak
  10. Plaats je waterbak op/in een laag mest => dat produceert warmte!

Over ruinenlust en nachtmerries

Paarden Oppas Service over keuze ruin of merrieGrofweg zijn paardenliefhebbers te verdelen in twee kampen: de liefhebbers van ruinen enerzijds en de mensen die zweren bij merries anderzijds.

Het woord ‘ruinenlust’ heeft hier echter niets mee te maken. Ruinenlust is een Duits woord voor  het romantische genieten van de aanblik van een oude ruïne. In de achttiende en negentiende eeuw wemelde het van de romantische denkers die, door het zien van wat resteerde van de ooit grootse antieke gebouwen, mijmerden over de onvermijdelijke vergankelijkheid van zelfs de grootste wereldrijken. 

Waar het woord ‘ruinenlust’ duidelijk uitleg behoeft voor de meeste van onze landgenoten, is het woord ‘nachtmerrie’ een algemeen bekend begrip.

En dat brengt ons logischerwijs tot de volgende vraag: als een akelige droom geassocieerd wordt met een merrie, betekent dit dan automatisch dat je beter uit de buurt van merries kunt blijven?

Integendeel! Merries hebben vele voordelen boven ruinen. Deze stelling kunnen we onderbouwen met een 15-tal sterke argumenten:

  1. Misschien heeft het met de evolutie te maken, maar in ieder geval is het zo dat merries beschikken over een hogere mate van zelfbehoud. Ze zullen bijvoorbeeld over het algemeen iets minder snel achteruit een sloot inlopen. Dus als je erop kan blijven zitten als ze er vandoor gaan omdat ze schrikken van die tractor, loop je niet zo’n risico om nat te worden.
  2. Vanuit hun zelfbehoud zullen ze ook voorzichtiger zijn op het springparcours en koste wat kost proberen te voorkomen dat ze een balk aantikken, aangezien dit ertoe zou kunnen leiden dat ze een salto moeten maken en op hun rug terecht komen. Dat is voor de springruiter een prettige bijkomstigheid!
  3. Om diezelfde reden zal een merrie (hopelijk) ook eerder wilde weidegenoten ontwijken, in plaats van ze te trachten te charmeren met ruinachtige opdringerigheden. En als dat de hoogte van de dierenartsrekening beperkt, vinden we dat heel verstandig!
  4. Het trainen van een merrie leert ons dat het beter is om in de eerste instantie vriendelijk te vragen of de ander iets voor je wilt doen, dan te veronderstellen dat je krijgt wat je eist – een waardevolle levensles.
  5. Werken met een merrie bevordert je onderhandelingskwaliteiten aanzienlijk, waardoor zich een hele nieuwe wereld aan carrièremogelijkheden opent, van bemiddelaar tot manager van de vredesmissie van de United Nations.
  6. Hiermee zeggen we niet dat een merrie ideaal is, nooit in de modder rolt en al haar mooie vijgen netjes op een stapel in de hoek van haar stal deponeert, maar de meeste merries zijn wel proper.
  7. Een noemenswaardig punt is ook dat je nooit een veulen zult kunnen krijgen van je geliefde ruin, maar die mogelijkheid bestaat in principe wel bij een merrie.
  8. Wat ook fijn is, is dat je een merrie roze bandages en een bling bling hoofdstel om kan doen en dat je dan niet de hele tijd mensen hoeft te corrigeren omdat ze denken dat je op een ruin rijdt.
  9. Merries zijn vaak slimmer en alerter dan ruinen, net zoals dat geldt voor vrouwen ten opzichte van mannen (ik ben dan toevallig een vrouw, maar dat staat hier los van).
  10. In tegenstelling tot ruinen, zullen merries je niet zo snel helemaal af gaan lebberen als ze je begroeten (daar moet wel bij gezegd worden dat dit te maken kan hebben met het feit dat ze het te druk hebben met het chagrijnig kijken en ze de spieren in hun hoofd op dat moment ook nog moeten gebruiken om hun oren in hun nek te leggen).
  11. Van horen zeggen hebben we begrepen dat merries in beide richtingen verticaal kunnen gaan. Dat is een sterk staaltje balans en atleticisme!
  12. Merries zijn er een ster in om de ruinen op stal onder de duim te houden. Als je een ruin zou aanstellen als toezichthouder, kan je erop rekenen dat het een puinhoop wordt op stal!
  13. Als we een euro zouden ontvangen voor iedere keer dat we een ruiter hebben horen zeggen : ‘Als een merrie je eenmaal mag, gaat ze voor je door het vuur’, zouden we nu heel rijk zijn!
  14. Merries bijten niet voor hun vermaak in de knopen van je regenbestendige houtje touwtje jas, om ze vervolgens aan het elastiek terug te laten schieten. Hiermee geven ze aan dat ze hun persoonlijke ruimte zeer op prijs stellen en door dit te doen verzoeken ze jou vriendelijk om daar rekening mee te houden.
  15. Ruinen staan er wel voor open om geknuffeld te worden, maar merries laten je werken in ruil voor wat genegenheid. Je kan het vergelijken met het verschil tussen een hond en een kat. Ruinen zijn allemansvrienden, terwijl merries kieskeurig zijn. Wat ze daarmee bereiken is dat hun geliefde eigenaren zich heel bevoorrecht voelen!

Bron van deze stellingen: Horse & Hound